Het ging al een tijdje niet goed, een hersenbloeding tikte hem onderuit en de kanker die zich erna ontwikkelde nam het snel van ‘m over. Zaterdagmiddag overleed hij op z’n 84e.
Téo Visser is de (schoon)vader van mijn vrienden, pater familias van het huis naast de molen, opper-oliebollenbakker in december, houder van kippen, hoenders en konijnen in zijn grote achtertuin die een open plek in het stadje aan de IJssel was. Ik weet eigenlijk niet eens wat hij verder deed, hij was er gewoon, deed van alles met iedereen, een eigenwijs, zelfstandig en zelfdenkend mens, een karakter zo u wilt.
Hij kende iedereen, iedereen hem. De kerk is donderdag stampvol, reken daar op en hij wordt bij z’n vrouw begraven, onder de boom op de prachtige oude begraafplaats van het stadje waar graven ‘ongeveer hier’ in het gras liggen. Mooie plek, ik hoorde dat hij met paard en wagen naar de begraafplaats gebracht gaat worden. Hij voorop en iedereen achter hem aan.
Het huis naast de molen is na donderdag leeg en die ruimte wordt ooit eens door anderen ingenomen. Dat wordt nog wat, zelfs als buitenstaander kan ik me niet voorstellen dat het daar anders zal zijn dan tot nu toe, kan je nagaan als je er kind van bent, er opgroeide en er gespeeld hebt. Hij woonde er 84 jaar, zijn ouders zijn ook nooit verhuisd.
De generatie voor me sluit af, ik ben onderdeel van de nieuwe laatste generatie aan het worden, dat is nog even wennen. Gelukkig vertelde de fortune teller van de Maharadja me een paar jaar geleden dat ik daar nog een jaar of 35 voor heb. Beter! Maar met dit jaar komt het niet meer goed, het is nog niet eens om en er zijn niet eerder zoveel mensen dichtbij me overleden. ‘k Ben daar niet alleen in, ook vriend Dick zei in zijn blog al dat het bij hem de laatste tijd sterk op een condoleanceboek gaat lijken.
Aan het eind van 2011 dacht ik dat het in 2012 alleen maar beter kon worden. Heb me daarin vergist, ga er vanuit dat we een jaartje vertraging hebben.
Man Bijt Hond maakte in 2007 een portretje van Téo Visser:





