apr 022013
 

bomen in een winkelgebied

We zitten al jaren op een bedrijventerrein. Voor ons pand knallen vrachtwagens over die betonnen driehoeken die de bosjes moeten beschermen, het regent bijna-ongelukken omdat rechts lang niet altijd voorrang heeft maar verder gaat ’t best vaak goed, sinds 1998 nooit een dode en zelfs blikschade is te verwaarlozen. En er wil nog wel eens een malloot in een BMW M5 of een Dakar truck laten horen hoe ’t met z’n testosteron is.

Binnenkort gaat ons terreintje op de schop, ze gaan het pimpen en mooi maken. Althans, dat heb ik van horen-zeggen, niemand heeft me een briefje gestuurd van ‘hoi, de straat gaat dicht en kijk, dit is de tekening’. Naar men zegt gaat het gebeuren als de andere ontsluitingsweg open gaat; er staan al bordjes in de straat met een F er op en dat duidt vast op “omleiding naar de Fokko Kortlanglaan”. Let op, kan niet lang meer duren.

Wilt u bij ons komen? Gebruik dan niet uw Tomtom, volg de F bordjes. Achterstevoren. Denk ik.

Wat doe ik op dat bedrijventerrein?

Waarom zit ik daar? Eigenlijk wil ik er wel eens weg. Ik geloof erin dat mensen en bedrijven gemengd wonen, niet mensen in een dorp en bedrijven op een terrein. Maar in 1998 was dit betaalbaar en daarom kwam ik er, de huren in het dorp waren veel te hoog. Inmiddels hou ik erg van mijn buurman maar ik vraag me steeds vaker af wat ik er verder nog doe. Mijn soort bedrijf moet niet op zo’n terrein zitten, we moeten ons in de kijker spelen, in de loop zitten. “Mensen kom binnen en pak een kopje thee, dan helpen we je even”.

Nieuwe economie

Sinds 2008 hebben we een nieuwe economie en de leegstand in het dorp begint nu serieuze vormen aan te nemen. Vijfentwintig panden staan leeg op 4 kilometer winkelgebied en zo had ik mijn begerig oog laten vallen op een voormalig winkelpand. Mooi met veel glas, op een goed punt, uitnodigend. Wel kleiner dan we nu hebben maar in het loopgebied. Ik vond het wel wat en had daarom een afspraak gemaakt met de verhuurder. Tijdens de rondleiding hoorde ik het al, de man had een prijs in zijn hoofd van ruim voor de crisis. Dat was jammer want ik had een modern bedrag bedacht.

Hij zat er niet mee zei hij. Hij kon het lijden en ging het wachten een tijd volhouden want huurders kwamen vast wel, en de huurprijs ging niet naar beneden. Later hoorde ik dat hij het bedrag verhoogd heeft ten opzichte van de huur die de vorige winkeliers betaalden.

Deze meneer zorgt voor leegstand omdat het hem uitkomt. In een dorp is dat onwenselijk, je moet het met elkaar leefbaar houden want anders loopt het leeg. In Ermelo was jarenlang een zomer-Blokker, met tuinstoelen en zo. Die staat nu ook leeg en is natuurlijk veel groter dan die kleine pandjes er omheen. Het resultaat van de leegstand is een grote lelijke zwarte vlek op een belangrijke plek en de verhuurder heeft er zo weinig voor over dat hij het pand niet eens heeft laten opruimen.

Tijden zijn veranderd, de huur(baas) nog niet

Ik wil graag het dorp in maar niet voor 24.000 euro op een C lokatie. Doe je me de helft dan kom ik praten. Vierentwintig mille kan je volgens mij sowieso vergeten, dat ga je niet meer verhuren, wake up! de wereld is veranderd, groei mee en pas je aan. Vijfentwintig lege winkels is nu al een ramp in een dorp maar het egoïsme, of de naïviteit, van de pandjesbaas zorgt voor verder toenemende leegstand en afnemende leefbaarheid. Let maar op, binnenkort gaat er een steen door de ruit.

Veel meer dan ‘Nieuw Winkelen’ of ‘Winkelen 2.0′ is het belangrijk dat consumenten zich fijn voelen in een dorp. Leegstand belemmert mensen om pret en plezier te maken, winkelstraten willen sprankelen en ondernemers en de gemeente moeten zich inspannen om gaten te vullen. Bomen, bankjes, gezelligheid, bier, straatorkesten en strijkjes, zorg altijd voor glimlachende klanten die het makkelijk vinden om geld bij je uit te geven. Geen centrum-manager maar elke twee jaar een nieuwe evenementenorganisator.

“Kom we gaan naar ’t dorp want daar gebeurt altijd wat” is wat je wilt horen van je klanten.

Leegstand, lege straten en etalages en last minute boodschappen zijn killing voor een actief dorp, klanten knappen erop af. Als je het dan niet kunt verhuren beplak dan in ieder geval de ramen met een decoratieve print of vraag een lokale autodealer om er een tijdelijke showroom in te richten. Denk niet alleen aan jezelf, kleinere winkelpanden kan je ook short term verhuren, doe iets met muziek en beplanting, zet grote bomen neer en zet er bankjes bij. Ga voor kwaliteit en gezelligheid en doe dat ruimhartig.

Ik zie daar een actieve rol in voor de gemeente die met verhuurders gaat praten om de prijzen op een normaal niveau te krijgen. Dan kunnen die panden bezet worden door reclamebureaus, ICT-ers, detacheerders, marketing/promotiebedrijven en andere bedrijven die niet draaien op omzet per vierkante meter vloeroppervlak. Wat dat betekent voor de kwaliteit van je winkelgebied!

Met elkaar doe je dat. Want als je je onprettig voelt in je eigen omgeving ga je weg en ga je het ergens anders halen.

Nieuwe economie vraagt om nieuw denken en nieuwe verhoudingen, actieve gemeenten kunnen een voortrekkersrol spelen en snel weer voor consumenten aantrekkelijk worden.

Heel jaren vijftig, maar een setje dat met een kinderwagen door een bomenlaan wandelt is ten diepste toch wat je in je winkelcentrum wilt zien?

 

 

 Posted by on 2 april 2013 at 08:00  Reacties uitgeschakeld voor Leegstand in een dorp bestrijd je met lagere huren en nieuw beleid, we hebben immers een nieuwe economie.  Tagged with: