nov 292012
 

“Dat lijken wel bordeelsluipers” zei de potentiële klant vanmorgen over mijn schoenen nadat het hem was opgevallen dat trapjes op en af ‘niet mijn dagelijks werk’ was. Mijn wat zwakke verweer was dat ik zo’n dak liever op mijn gympen bestijg dan op schoenen met leren zool. Hij dacht er het zijne van, dat was wel duidelijk.

Hij zat er niet zo ver naast, zonnepanelen verkopen in de winter vind ik wat lastig. Ik ben niet zo in de mood en zo’n dak bij vijf graden en een plas water er op waar je natuurlijk weer doorheen moet, kouwe fikken bij alles wat je beetpakt en dan de wetenschap dat zo’n paneel bij een beetje wind veel lastiger te monteren is dan bij rustig weer, nee dat helpt ook niet. Doe mij maar de voorjaars- of zomerdag.

Ik ben daar vast niet uniek in en ik weet nu al: de komende maanden is het rustig in zonnepanelenland. De opbrengsten dalen mee, de ventilator van de omvormer slaat nog wel aan maar echt veel wordt er niet meer geproduceerd. Volgende week met sneeuw ligt het zelfs stil, zo’n paneel moet wel iets van licht hebben en met een bezem het kouwe sneeuwdak op doe je niet snel. Mijn ervaring is dat vanaf eind november de opbrengst inzakt. Haal ik in een lekkere zomer 60Kwh met m’n 10 210wp-paneeltjes op het zuid-oosten, in week 48 is dat gedaald tot 5 en de laatste weken van het jaar nog minder. Pas ergens in week 7 of 8 komt het weer op een acceptabel voorjaarsniveau van 16Kwh. Ergens rond 7 maart begint het productieseizoen bij ons op het dak en dan gaat het ook opeens hard, de zon laat dan de winter zichtbaar achter zich.

Pinksteren 2012 was een bijzonder zonnepanelenmoment. Eerste Pinksterdag was het bloedheet en de zon stond aan een strakblauwe hemel, tweede Pinkster was er meer bewolking. Die laatste dag haalden de panelen 100% rendement, eerste Pinksterdag maar 80%. Dat kwam door de temperatuur, het was gewoon te warm. Zonnepanelen worden natuurlijk ook opgewarmd maar ze produceren het best onder de  72 graden. heb je een plat dak dan kan je de omstandigheden verbeteren met een sedumtuintje rondom de panelen, dat scheelt in de temperatuur van het oppervlak en komt daardoor de productie ten goede.

Sedum is natuurlijk ook leuk in de winter. Panelen en sedum. Da’s pas groen.

jul 202012
 

We verkopen zonnepanelen. Enkele afleveringen van dit blog vul ik met een feuilleton over de werking van zonnepanelen, het rendement, de aanschaf, de terugverdientijd, de subsidies, het onderhoud, en wat er verder bij komt kijken. In deze vijfde aflevering kijk ik van het dak af naar wat er meer mogelijk is.

‘k Stond op een dak omdat we gevraagd zijn een offerte te maken voor 400 zonnepanelen. Kijk, dan krijg je kansen. Uitdagingen trouwens ook want de afstanden op dat dak zijn groot en de transportmogelijkheden naar beneden beperkt, de verdeelkasten zijn lastig te bereiken, er is weinig plek voor omvormers. Maar het gaat goed komen, die offerte wordt perfect en de aanbieding zeker ook want we willen graag een bijdrage leveren aan duurzame energieproductie. Zo idealistisch zijn we wel.

Vierhonderd zonnepanelen zet ook wel zoden aan de dijk. Sommetje? 400 * 285 Wattpiek, 91.000 Kwh. Dat is het verbruik van 26 gemiddelde huishoudens, 100 mensen. Moet toch lukken om dat gebouw elektriciteitsverbruikneutraal te krijgen? De impact van het project is groot, het is belangrijk voor de buurt, voor de gemeenschap en een voorbeeld voor anderen.

‘k Stond daar op dat dak rond te kieke, klom ‘n trapje op en af en zag voldoende ruimte om ook windmolens te monteren. Windkracht 3 heb je er voor nodig, dat dak ligt zo mooi in de wind. Het was een dag met typisch 2012 zomerweer. Wind, regen, beetje zon, graad of 18, als je panelen niet voldoende opleveren dan kan je met windmolens ook heel aardig ten strijde trekken.

Het klimaat op zo’n bitumendak is als een woestijn, het milieu in de ruime omtrek doe je op zo’n dak een enorm plezier door het te bedekken met sedum. Sedum, van die rotsplantjes, houdt water vast, zorgt voor minder zonreflectie en is niet eens zo duur, ik geloof dat wij 1.500 euro betaalden voor meer dan 60 m2 sedum, is dat 25 euro de meter? Daar zou dit dak een stuk van opknappen, en de buurt ook want het effect op de omgeving is groter dan je vooraf denkt. Het geluid, de waterafvoer, de vogels profiteren er ook van.

Nou ja, eerst die offerte maar ‘ns zien om te zetten in een order en daarna ga ik met windmolens vechten en serum-dakjes uitdelen. Het kan want met de massa meegaan is op de korte termijn misschien wel goedkoper maar met eigenzinnigheid en creativiteit heb je de lange termijn ongetwijfeld meer rendement.

Dit is deel 5 van een feuilleton over zonnepanelen. Lees deel 1, 2, 3 en 4 ook.

 

jul 192012
 

We verkopen zonnepanelen. Enkele afleveringen van dit blog vul ik met een feuilleton over de werking van zonnepanelen, het rendement, de aanschaf, de subsidies, het onderhoud, en wat er verder bij komt kijken. In deze vierde aflevering gaat het over de manier waarop panelen nagelvast op het dak gemonteerd worden. Welke montage is wenselijk?

Aaneengesloten monteren

Heeft u eenmaal panelen besteld dan is de beslissing over de plaatsing al genomen. Heeft u een schuin pannendak dan maakt u andere keuzes dan in het geval van een plat dak. Montage op schuine pannendaken is meer werk maar niet moeilijk. Bepaal waar u de panelen wilt hebben en waar ze aaneengesloten gemonteerd kunnen worden. In het tweede deel van dit feuilleton hadden we het al over de nadelen van schaduw op de panelen, u krijgt er minder opbrengst van.

Eenmaal een goed dakvlak uitgekozen bepaalt u of de panelen horizontaal of verticaal gemonteerd moeten worden. Schuif een rij dakpannen omhoog en bevestig een balk tegen de panlatten. Op die balk worden de beugels gemonteerd waarop weer de aluminium rails vastgezet worden die de panelen op hun beurt ondersteunen. De panelen worden met klemmen op de rails gebout. Benodigdheden: een schroefboormachine, een handvol houtschroeven en een inbussleutel. Mits de balk goed vastgeschroefd wordt aan de panlatten is er geen kans dat de panelen bij storm gaan vliegen. Uiteraard is de dikte van de balk gelijk aan die van de panlatten, het heeft wel voorkeur dat hij wat breder is, dat biedt meer mogelijkheden om de beugels vast te zetten. Is de balk eenmaal op zijn plek dan kunnen de dakpannen weer op hun plek gelegd worden.

Lightboxen of frames

Op een plat dak plaats je panelen op frames of lightboxen. Een lightbox is een open aluminium constructie waarop een normaal zonnepaneel met bouten op vast gezet wordt. De lightbox is voor vrijwel ieder standaard zonnepaneel geschikt. Ze zijn makkelijk te verwerken en worden met behulp van ballast  - gewassen grindtegels – op het dak gehouden. Afhankelijk van het windgebied waarin u woont heeft u meer of minder tegels nodig. Panelen staan minimaal een meter uit de rand van het dak en hebben een oppervlak  van zo’n tweeeneenhalve vierkante meter nodig. Panelen staan anderhalve meter achter elkaar, voor 16 panelen heeft u ca 22 m2 oppervlak nodig.

In plaats van lightboxen kunt u ook frames gebruiken maar dat gebeurt vooral in grootschaliger projecten zoals op het dak van een gemeentehuis of flatgebouw. Zo’n frame is  een lichtgewicht aluminium draagsysteem dat onderling helemaal verbonden is en een raster vormt op het dak. Aerodynamisch ontworpen en precies afgewerkt is het mogelijk het systeem zonder of met extreem weinig extra ballast te plaatsen op de meest voorkomende daken.

In België zag ik op schuurdaken frames staan die de opstellingshoek veranderen. De daken staan niet optimaal ten opzichte van het zuiden en met behulp van de frames worden de panelen opgetild en meer op de zon gericht. Niet mooi, wel effectief. Ik vermoed alleen dat de welstandscommissie niet enthousiast zal zijn (de foto hiernaast laat dus niet zo’n frame zien, dit is een lightframe).

Over de welstandscommissie gesproken, u heeft voor panelen doorgaans geen vergunning nodig. Vraag wel even na hoe de zaken er voor staan als u in een monument woont, de regels verschillen.

 

Dit is deel 4 van een feuilleton over zonnepanelen. Lees deel 123 en 5 ook!

 

jul 182012
 

We verkopen zonnepanelen. Enkele afleveringen van dit blog vul ik met een feuilleton over de werking van zonnepanelen, het rendement, de aanschaf, de subsidies, het onderhoud, en wat er verder bij komt kijken. In deze derde aflevering gaat het over de opbrengst, hoe werkt dat met terugleveren, wat is de netto opbrengst en natuurlijk: de terugverdientijd.

Stroom ‘stroomt’

Als u stroom opwekt gaat dat via de inverter het netwerk in. Stroom ‘stroomt’, het gaat van plus naar min. Als er thuis stroomverbruikers zijn worden die eerst bediend, denk aan koelkast, vriezer, waterbed, etc. Is er meer stroom in huis dan gebruikt wordt dan stroomt het via de meter het huis uit, het transportnet in. Levert u terug aan het net dan is dat dus de stroom die wordt opgewekt minus de stroom die lokaal gebruikt is.

De terugverdientijd

De eerste vraag die gesteld wordt als het over zonnepanelen gaat is “hoe snel verdien ik het terug”. Maar het gekke is dat je die vraag bij de aanschaf van een auto nauwelijks hoort terwijl de bedragen die daarmee gemoeid zijn een stuk hoger liggen. Uiteraard is de return on investment belangrijk maar zelf energie opwekken gaat ook over een bijdrage leveren aan een beter milieu. Massaconsumptie maakt dingen goedkoper dan ze eigenlijk zijn, dat ziet u al aan plofkippen en rundvlees en dat is met energie ook zo.  Ook de biologische supermarkt is er voorbeeld van: doe je het anders dan de massa dan zijn de kosten vaak wat hoger.

Tegelijkertijd… heb je 7.000 euro op de bank staan dan levert dat op dit moment 140 euro aan rente op. Koop je er zonnepanelen van dan levert het je 700 euro op (3.200 Kwh à € 0,22).

Stel, u wekt met uw zonnepanelen per jaar 3.500 Kwh op, tegen een prijs van €0,22 is dat € 770,- per jaar. Verbruikt uw huishouden 4.000 Kwh per jaar dan betaalt u nog maar €110,- aan de leverancier, u zorgt zelf voor de rest. Toch leuk. Terugverdientijd 9 jaar.

Die terugverdientijden, het is maar net hoe je dat ziet.

 

Salderen

Elektriciteitsmaatschappijen salderen. Uw verbruik minus dat wat u opwekt en terugleverde worden tegen elkaar weggestreept, u betaalt alleen nog wat er over blijft. Heeft u een Ferraris-meter, dat is een meter met een draaischijf erin, dan hoeft u zich helemaal geen zorgen te maken: die meter kan terugdraaien. Verbruik is wat er op de teller staat, een terugdraaiende meter heeft er minder op staan, heel overzichtelijk. In het bezit van een moderne meter? Dan heeft u meerdere telwerken, voor dag- en nachtverbruik, voor terugleveren, etc. Ze worden afzonderlijk afgerekend.

Terugleveren is belangrijk. Als u overdag niet thuis bent levert het systeem z’n hoogste productie en wat overblijft wordt aan het net geleverd. Mensen met een Ferraris meter zijn het beste af, maar de netbeheerders willen die meters graag vervangen. Als u de kans heeft, hou ‘m dan.

De subsidieregeling zonnepanelen geeft u maximaal €650,- Krijgt u die dan is de terugverdientijd al snel 8 jaar.

 

Dit is deel 3 van een feuilleton over zonnepanelen. Lees deel 124 en 5 ook!

jul 172012
 

We verkopen zonnepanelen. Enkele afleveringen van dit blog vul ik met een feuilleton over de werking van zonnepanelen, het rendement, de aanschaf, de subsidies, het onderhoud, en wat er verder bij komt kijken. In deze tweede aflevering gaat het over de installatie. Wat moet je aanleggen om überhaupt zonnepanelen te kunnen aanschaffen?

Serieel of parallel

Zonnepanelen staan op of hangen aan het dak. Ze staan òf parallel òf serieel geschakeld. Parallel is niet eenvoudig, de doorsnee omvormer heeft niet zoveel aansluitingen want ieder kabeltje moet dan zijn eigen aansluiting op de omvormer hebben. De omvormer (of: inverter) is overigens het apparaat dat de gelijkstroom omzet in wisselstroom, waarover later meer.

Serieel geschakeld betekent dat de panelen van de één naar de ander doorgelust worden en aan het eind van de lijn (string) wordt het dan aan de inverter gekoppeld. Een nadeel van serieel geplaatste panelen is dat je moet zorgen dat er geen schaduw op de panelen valt, ergens schaduw beinvloedt de opbrengst van de hele set negatief.

De installatie ziet er zo uit: de panelen zijn verbonden door kabels die aan één of meerdere omvormers aangesloten zijn. Ieder exemplaar is aangesloten op zijn eigen stopcontact dat zonder onderbreking verbonden is met de meterkast waar een eigen groep gereserveerd is – wel met een schakelaar ertussen om de verbinding tussen groepenkast en inverter fysiek te kunnen onderbreken.

De meterkast

De bekabeling is minstens 4 mm^2 (4 kwadraat). Zes kan ook, en natuurlijk geldt hoe dikker de kabel hoe makkelijker de stroom er doorheen vloeit. Stroom heeft daardoor minder kans zich te verliezen in warmte en verliest de minste spanning. Men adviseert soms om een 16A groep te plaatsen maar wij hebben de ervaring dat optimaal opgestelde systemen daar gehakt van maken. 20A is beter (de A staat voor Ampère).

Een zonnepanelen-set bestaat dus uit de panelen buiten, de inverter(s) binnen en de aansluiting op de meterkast. De inverter zit aan een stopcontact en stuurt de opgewekte stroom zo het lokale stroomnet in. Het maximaal vermogen dat door een 16A groep kan is 16Ampere x 230V = 3680VA (een VA is een voltampère en gelijk aan één watt).  Als je een opstelling hebt die maximaal presteert kan het dus maar zo zijn dat je in de buurt komt van de 3600VA. Daarom monteren we 20A groepen.

Wanneer klappen de stoppen

Iedere inverter zijn eigen groep. Heb je bijvoorbeeld 18 panelen van 280 Wp dan krijg je twee inverters. Elke inverter gaat in z’n eigen stopcontact want als je het samen op één groep zet en het werkt een beetje dan klappen de stoppen als je 2 * 2.680VA produceert (maximaal is immers 3.680VA).

Het wordt toch nog ingewikkeld, sorry, want u moet nog weten wat die inverter doet. Een inverter zet gelijkstroom om in wisselstroom. De panelen produceren gelijkstroom en de inverter regelt de omzetting naar het gebruikelijke wisselstroom. Een inverter is niet altijd een klein kastje, hoe groter het vermogen hoe groter de kast en hoe steviger de ventilatie. Bij het omzetten van gelijkstroom naar wisselstroom ontstaat warmte, die moet worden afgevoerd. De inverters hebben daarom geforceerde ventilatie en dat hoor je, je kunt de inverter dus niet overal neerzetten. Eventueel kan je inverters ook droog buiten hangen, onder een dakje, uit wind en weer.

Samenvatting: wilt u panelen op uw dak dan heeft u een stopcontact nodig in de buurt van de plaats van de inverter(s). Dat contact wordt aangesloten op een aparte groep in de meterkast met bekabeling die dik genoeg s om de elektriciteit makkelijk te transporteren en met een schakelaar waardoor u de meterkast kunt loskoppelen van de panelen.

In de volgende episode gaan we in op het fenomeen terugleveren, hebben we het over terugdraaiende meters en over de netto opbrengst.

 

Dit is deel 2 van een feuilleton over zonnepanelen. Lees deel 134 en 5 ook!